Rapport van de Commissie lntegrale Sociaal-Economische Aanpak Bonaire (Commissie Pourier) Uitgebracht aan het
Bestuurscollege van het Eilandgebied Bonaire en de Kralendijk/Willemstad/'s Gravenhage December 1992 Download volledige rapport als pdf bestand (PDF 760 KB) Samenvatting De laatste jaren is de ekonomische ontwikkeling van het Eilandgebied Bonaire in een stroomversnelling beland; ingrijpende veranderingen vinden overal in de gemeenschap plaats. Een situatie van grote,vraag naar werkgelegenheid, die de Bonaireaan voor de jaren tachtig steeds dwong werk in het buitenland te gaan zoeken,veranderde in een werkoverschot, met een influx van buitenlandse arbeidskrachten tot gevolg. Van een voor de buitenwereld
afgesloten gemeenschap, waarin wat landbouw, veeteelt en visserij voor
een marginaal bestaan zorg droegen, veranderde Bonaire in betrekkelijk
korte tijd in een op dienstverlening, en wel het toerisme, gedreven maatschappij.
Mede als gevolg van het toerisme kwamen ook de modernste kommunikatiemiddelen
binnen bereik van de gemiddelde Bonaireaan. Deze druk op de bestuurders, zowel intern door op hen afkomende lokale problemen, als extern door vooral buiteneilandse investeerders, vereist een beleidskader voor de door hen te nemen beslissingen. Binnen dit beleidskader zou een beleid/stappenplan ingepast moeten worden, welk plan mede richtinggevend moet zijn voor het samenwerkingsbeleid tussen de Nederlandse Antillen, Nederland en Bonaire. Het Bestuurscollege van het Eilandgebied Bonaire, de noodzaak onderkennend van een beleidskader voor de sociaal-ekonomische ontwikkeling, besloot tot het instellen van een commissie. Deze Commissie kreeg tot taak het opstellen van een rapport, dat enerzijds uitgangspunten dient aan te geven voor de sociaal-ekonomische ontwikkeling van het Eilandgebied Bonaire en anderzijds voorwaarden dient te bevatten voor de implementatie daarvan. Op grond van haar onderzoek kwam de Commissie tot de volgende konklusies:
Het is een gegeven dat Bonaire in de regio vooroploopt op het gebied van natuurbehoud en natuurbescherming. Diverse bestuurlijke en verordenende maatregelen vormen daarvan het bewijs. Echter vinden steeds meer aktiviteiten op het eiland plaats die nadelig zijn of kunnen zijn voor het milieu dan wel voor het rustieke karakter van het eiland. Hierbij manifesteert zich het ontbreken van een beleidsvisie, waarbij als uitgangspunt voor de sociaal-ekonomische ontwikkeling, het milieu als kernelement fungeert. Hierdoor blijft het merendeel.der bevolking, die de natuur om zich heen altijd als een vanzelfsprekendheid heeft ervaren en vanwege het uitblijven van een voor haar aantrekkelijk ekonomisch rendement, het milieu niet altijd op de juiste waarde wist te schatten, in het ongewisse wat voor ekonomische aktiviteiten voordelig zijn voor haarzelf en voor het eiland. Aan de andere kant zijn buitenlandse investeerders en toeristen bewust geworden van de voordelen van het milieuprodukt op Bonaire en trekken in toenemende mate daar profijt uit. En hierin ligt de kern voor Bonaire's sociaal-ekonomische ontwikkeling. Doordat het milieuprodukt op Bonaire uniek is en met de dag in waarde toeneemt, kan van de toerist een vergoeding gevraagd worden voor het genot van dit produkt. Deze vergoeding kan omhoog gaan naarmate een gericht overheidsbeleid ervoor zorgdraagt, dat het milieuprodukt niet alleen ongeschonden blijft, doch zelfs in waarde toeneemt. De aanbevelingen die de Commissie doet ter behoud, bescherming en versterking van bet milieu liggen op het gebied van de ruimtelijke ordening, monumentenzorg, bouw- en woningverordening, alsmede in het beperken van de groei van het aantal hotelkamers en van de druk op het milieu in het algemeen door het voeren van een selektief toeristenbeleid. De voordelen uit een
dergelijk beleid geven de overheid meer financiële zelfstandigheid,
versterken de eilandelijke autonomie en dragen bij tot verhelping van
de financiële en monetaire problematiek van de Nederlandse Antillen.
De voorstellen van de Commissie moeten ertoe bijdragen dat de gewone dienst
van de eilandsbegroting tegen het jaar 1998 nagenoeg uit eigen middelen
is te dekken. Echter de eigen inspanning zal voorlopig waarschijnlijk
onvoldoende zijn om de forse investeringen, die o.a. qua infrastruc tuur
noodzakelijk zijn, te bekostigen. Vandaar dat complementaire ontwikkelingshulp
benodigd blijft, waarbij de Commissie de Ook de bevolking
moet meer bewust gemaakt worden van het unieke produkt waarover zij beschikt.
Gerichte voorlichtingscampagnes zijn daartoe vereist, alsmede onderwijs-
en trainingsprogramma's toegespitst op de ekonomische en bestuurlijke
behoeften. Belangrijk hierbij is dat de bevolking zelf direkt de voordelen
geniet bij deze nieuwe sociaal-ekonomische aanpak. Daarbij dient te worden
gestreefd naar een zo groot mogelijke spreiding van de welvaart en naar
een volkshuisvesting en woningbouw die qua prijs door de bevolking is
te dragen. Een bewuste bevolking 1evert niet alleen het maatschappelijk
draagvlak voor maatregelen op milieu-terrein, doch kan ook zelf bijdragen
via kultuuruitingen, verzorgings- en verfraaiingsakties, tot een opwaardering
van het milieuprodukt. Enkele diensten c.q. afdelingen waarvoor de Commissie speciale aandacht vraagt zijn:
Voorts vraagt de Commissie aandacht voor de Landsdiensten op Bonaire. Hun funktioneren kan niet los gezien worden van de eilandelijke diensten en bijgevolg dienen zij ook betrokken te worden in het kwaliteits-verbeteringsproces. Enkele Landsdiensten zoals Handel, Industrie en Werkgelegenheid (HIW) en Sociale Zaken zijn in het decentralisatieproces blijven steken, waardoor enkele belangrijke taken, zoals effektieve kontrole op prijzen en arbeidsomstandigheden, niet plaatsvinden. De Commissie vindt een spoedige afhandeling van deze zaken op haar plaats. Verder wil de Commissie erop wijzen dat een op het toerisme gericht sociaal-ekonomisch beleid, een zo breed mogelijk maatschappelijk draagvlak moet hebben. In dit kader is het van belang dat ook de eilandsraad zich de nieuwe beleidsvisie eigen maakt en uitdraagt. Mede met het oog op versterking van de demokratische gedachte, zou de verplichting in artikel 106 van de Eilandenregeling Nederlandse Antillen (ERNA) moeten worden opgenomen dat de eilandsraad minstens een keer per maand openbaar vergadert. Een dergelijke bepaling voorkomt dat de eilandsraad lange tijd qua openbare vergaderingen inaktief blijft bij gebrek aan quorum, waardoor de bevolking ook verstoken blijft van informatie die doorgaans via dit publieke forum aan de orde wordt gesteld. Het milieuprodukt van Bonaire is van zo groot belang voor de sociaal-ekonomische ontwikkeling van het eiland, dat de Commissie gemeend heeft garanties te moeten voorstellen om aantasting van dit produkt zoveel mogelijk te voorkomen. De Commissie beveelt dan ook aan dat de gouverneur in zijn hoedanigheid van hoofd van de Landsregering, de gezaghebber, met toepassing van artikel 68 van de ERNA, aanwijzingen aan de gezaghebber geeft om eilandsverordeningen, -besluiten en - beschikkingen die het milieu raken, binnen tweemaal 24 uur na de vaststelling, aan de gouverneur voor te leggen. Teneinde uitvoering te kunnen geven aan het voorgaande, geeft de Commissie in overweging:
Deze twee taken zouden
binnen een periode van drie maanden na het verschijnen van dit rapport,
moeten worden uitgevoerd. |